Partnerpensioen

Als u overlijdt voordat u met pensioen bent gegaan, heeft uw partner recht op partnerpensioen.

Het pensioenfonds ziet als partner:

  • de persoon met wie u getrouwd bent
  • de persoon met wie u een geregistreerd partnerschap hebt
  • de persoon met wie u duurzaam samenwoont en met wie u bij de notaris een samenlevingscontract hebt afgesloten

Bij samenwonen gelden bovendien de voorwaarden dat de partner als begunstigde is aangewezen voor partnerpensioen en dat de partner geen bloed- of aanverwant is in de rechte lijn. Het partnerpensioen is 70% van het ouderdomspensioen dat u zou opbouwen als u tot uw 65ste had gewerkt.

Soms geen recht op nabestaandenpensioen

Uw nabestaanden kunnen geen aanspraak maken op partnerpensioen en/of wezenpensioen als: 

a) u anders dan door een ongeval overlijdt binnen een jaar na:

  • het aangaan van het huwelijk, of 
  • de registratie van de partnerrelatie, of 
  • de start van de samenwoning, of 
  • de erkenning of het verzoek tot adoptie van een kind, of
  • nadat u de zorg voor het onderhoud en de opvoeding van het stief- of pleegkind voor uw rekening hebt genomen

b) het samenlevingscontract wordt gesloten of de akte notarieel wordt vastgelegd, of de onder a. bedoelde feiten hebben plaatsgevonden nadat uw ouderdomspensioen is ingegaan. 

Ex-partner

Hebt u een ex-partner? Die kan recht hebben op een deel van het totale partnerpensioen. Hij krijgt dan bijzonder partnerpensioen over het deel van het pensioen dat is opgebouwd tot de scheidingsdatum. Hebt u bij uw overlijden een ex-partner en een nieuwe partner? Uw nieuwe partner krijgt partnerpensioen. Uw ex-partner krijgt bijzonder partnerpensioen. De ex-partner en de nieuwe partner moeten het pensioen dus samen delen.

Partnerpensioen en Anw-hiaat

Uw partner kan bij uw overlijden recht hebben op een Anw-uitkering van de overheid. Anw staat voor Algemene nabestaandenwet. Een volledige Anw-uitkering is 70% van het nettominimumloon. Als de achterblijvende partner geen volledige Anw-uitkering van de overheid krijgt, kan er sprake zijn van een Anw-hiaat.

Een Anw-uitkering van de overheid krijgt een achterblijvende partner die:

  • kinderen onder de 18 jaar verzorgt of
  • is geboren vóór 1 januari 1950 
  • voor 45 procent of meer arbeidsongeschikt is

Als de achterblijvende partner eigen inkomsten heeft, worden deze inkomsten gekort op de Anw-uitkering.

Het is verstandig om na te gaan of er na uw overlijden genoeg geld is voor uw nabestaanden. Via de werkgever kunt u een aanvullende Anw-hiaatverzekering afsluiten. De werkgever betaalt de premie aan het fonds. De hoogte van de premie is afhankelijk van de leeftijd en de gewenste uitkeringshoogte. Afhankelijk van de arbeidsvoorwaarden betaalt u (eventueel) een deel van de premie.

 
print print icon